#5: De Zuiderzeewerken

6 april 2021 - 14 minuten 40 seconden - 2 reacties

Introductie

Nederlanders vechten al eeuwenlang tegen de zee. Aan het einde van de 19de eeuw is een groot bouwwerk gemaakt dat Nederland definitief op de kaart gezet heeft als experts op watergebied. Dat zijn de Afsluitdijk en Flevoland. Hoe zijn deze iconische werken tot stand gekomen?

Luister

Transcriptie

Download de tekst (pdf)

Hallo allemaal, welkom bij aflevering 5 van Een Beetje Nederlands. In deze aflevering ga ik het hebben over de Zuiderzeewerken. Vergeet niet dat je de tekst van de podcast kan meelezen op de website, eenbeetjenederlands.nl. Ik zet de link van de website in de shownotes. Nu, door met de podcast.

Introductie

God created the world, but the Dutch created the Netherlands. Misschien heb je dit gezegde wel eens gehoord. Nederlanders zijn wereldwijd beroemd om de manier waarop het ze gelukt is om zich te beschermen tegen water. Een groot gedeelte van Nederland ligt onder zeeniveau, dus het is van levensbelang dat de zee onder controle is. Er zijn twee beroemde bouwwerken die voor de veiligheid van Nederland zorgen. Er zijn de Deltawerken, die liggen in Zeeland. En de andere zijn de Zuiderzeewerken. Over die laatste ga ik het vandaag hebben.

Als je naar de kaart van Nederland kijkt zie je in het midden een groot meer: het IJsselmeer. Ten zuidoosten van het IJsselmeer ligt de provincie Flevoland, met daarin onder andere de steden Almere en Lelystad. Aan de noordkant van het IJsselmeer zie je een weg lopen, dat is de Afsluitdijk. Als je nou naar een kaart van 100 jaar geleden kijkt, zag het er heel anders uit. Flevoland bestond nog niet, daar lag water. En het IJsselmeer was nog geen meer, maar een woeste zee.

De Afsluitdijk en Flevoland zijn iconische projecten die Nederland op de kaart hebben gezet als experts op het gebied van waterbeheer. De Zuiderzeewerken staan op de lijst van de American Society of Civil Engineers als een van de zeven wonderen van de moderne wereld. Hoe dit enorme project tot stand is gekomen ga ik vandaag uitleggen.

Terug in de tijd

De inwoners van Nederland hebben altijd al gevochten tegen water. Al eeuwenlang zijn Nederlanders druk bezig met land veroveren op het water en dat land daarna te verdedigen tegen het water. In alle provincies in Nederland die aan de zee liggen zijn grote stukken land drooggelegd. Bijvoorbeeld het Haarlemmermeer, het gebied in Noord-Holland waar nu vliegveld Schiphol ligt. Minder dan 200 jaar geleden lag daar nog een groot meer dat groter was dan de stad Den Haag.

We gaan even terug in de tijd. In het landschap van Nederland is in de loop der tijd een hoop veranderd. In de Middeleeuwen zijn er meerdere grote overstromingen geweest waardoor er een zee ontstond tussen Friesland en Noord-Holland. Die twee provincies waren verbonden met land tot deze nieuwe zee ontstond. Deze zee werd de Zuiderzee genoemd. 

Er zijn twee belangrijke redenen waardoor deze zee is ontstaan. In de Middeleeuwen is er een warme periode geweest waardoor het zeeniveau steeg. Maar het kwam ook door menselijke activiteiten. Grote stukken land werden in die tijd uitgegraven, dat deden ze om brandstof en zout te krijgen. Op die manier is er in een paar honderd jaar voor gezorgd dat land dat enkele meters boven zeeniveau lag, daalde tot rond of zelfs onder zeeniveau. Dus de zee steeg en het land daalde. Op die manier verloor Nederland zo’n 800 jaar geleden een groot stuk land en ontstond de Zuiderzee.

In West-Nederland had je vroeger grote meren die ook op die manier ontstaan zijn, door het afgraven van land voor zout en brandstof. In de 17de eeuw zijn Nederlanders begonnen om dat land weer terug te veroveren op het water. Toen zijn de beroemde Nederlandse polders gemaakt. Een polder is een stuk land dat kunstmatig droog gehouden wordt. Er zijn dijken gebouwd en het water is door molens weggepompt. Later werden daarvoor ook stoommachines gebruikt. Door het land te polderen was er meer ruimte beschikbaar voor landbouw en woningen. Maar het was ook veiliger, er was minder kans op overstromingen.

Zo kreeg Nederland weer een stuk land terug, maar er dreigde altijd gevaar van de zee. Bij stormen en hoogwater kwamen regelmatig grote overstromingen en watersnoodrampen voor. Een zee is moeilijker te beheersen dan een meer, omdat een zee getijden heeft.

Getijden zijn de veranderingen in de hoogte van zeewater, die door de maan veroorzaakt worden. In het Nederlands heten de getijden eb en vloed. Eb is wanneer het water daalt, vloed wanneer het water stijgt.

Noord-Holland was aan twee kanten gelegen aan een zee: aan de oostkant de Zuiderzee en aan de westkant de Noordzee. Er waren regelmatig watersnoodrampen, zeker 50 in de afgelopen 900 jaar. Er zijn al eeuwenlang mensen bezig geweest om na te denken over hoe dit probleem opgelost kon worden. 

Plannen Zuiderzeewerken

Een van de plannen waar in Nederland lang over nagedacht is, is het afsluiten en vervolgens polderen van de Zuiderzee. Maar lang was het technisch en financieel niet haalbaar om zo’n enorm project uit te voeren. Aan het eind van de 19de eeuw veranderde dat door de industrialisatie in Europa. In 1891 is er een nieuw plan gemaakt voor de zogenaamde Zuiderzeewerken door ingenieur Cornelis Lely. Naar hem zou later de nieuwe stad Lelystad vernoemd worden.

Met de Zuiderzeewerken zou er nieuw land komen, wat hard nodig was voor landbouw en woningen. Verder zou het gevaar van de zee minder worden. Het plan was als volgt:

  • De Zuiderzee wordt afgesloten van de Noordzee. Er komt daarvoor een dam van Friesland naar Noord-Holland. Deze dam heet de Afsluitdijk. Als de dam klaar is, is de Zuiderzee geen zee, maar een meer. De nieuwe naam van het water is dan het IJsselmeer.
  • Er worden grote nieuwe polders gemaakt in het IJsselmeer. Veel groter dan de grootste polder die tot dan toe bestond, wel 15 keer groter. Hiermee wordt er landbouwgrond gemaakt en nieuwe ruimte voor woningen.

Niet iedereen was blij met het plan. Het is een enorm groot en duur project, in een tijd waarin het niet erg goed ging met de economie van Nederland. 

Ook waren de vissers uit de dorpen aan de Zuiderzee niet blij met het plan. Zij waren bang dat ze hun werk kwijt zouden raken. Aan de Zuiderzee lagen veel vissersdorpen, waarin het beroep van visser van vader op zoon doorgegeven werd. Dorpen als Volendam, Enkhuizen, Marken en Urk zijn voorbeelden van dorpen die voor een groot deel afhankelijk waren van de visserij.

Als je een zee afsluit en het veranderd in een meer, zal het na verloop van tijd veranderen van zout water in zoet water. Dat heeft gevolgen voor de dieren die er in kunnen leven. Je hebt zoetwatervissen en zoutwatervissen. Haring en ansjovis zijn voorbeelden van zoutwatervissen waar veel op gevist werd door Nederlandse vissers. Die vissen kunnen niet leven in zoetwater.

De plannen blijven nog enkele jaren ongebruikt. Cornelis Lely, die de plannen geschreven heeft, maakt ondertussen politieke carrière. Als minister lukt het hem in 1918 om zijn eerder gemaakte plannen toch te realiseren. Dat er in dat jaar wel genoeg mensen voor het plan waren kwam door twee redenen.

Ten eerste was er een tekort aan voedsel door de Eerste Wereldoorlog. Nederland was neutraal in die oorlog, maar had toch last van hongersnood doordat import van voedsel niet mogelijk was. Het maken van polders zou nieuwe landbouwgrond opleveren, wat er voor zou kunnen zorgen dat er meer voedsel beschikbaar was.

Ten tweede was er in 1916 onverwachts een grote watersnoodramp. Een storm zorgde ervoor dat dijken aan de Zuiderzee doorbraken en veel land rond de Zuiderzee onder water kwam te staan.

Door deze twee rampen is de houding van veel mensen veranderd en konden de plannen toch uitgevoerd worden.

Afsluitdijk

In 1927 is er begonnen met het aanleggen van de Afsluitdijk. Duizenden mensen werkten aan de Afsluitdijk. Dat kwam goed uit, want er was in die tijd veel werkloosheid. De aanleg van de Afsluitdijk ging goed en is sneller klaar dan verwacht. Al vijf jaar na het begin van de werkzaamheden werd het laatste stukje dam afgesloten. De architect, Cornelis Lely, maakt het helaas niet meer mee. Hij is overleden in 1929.

De Afsluitdijk is 32 kilometer lang, tussen Noord-Holland en Friesland. Er gaat een snelweg overheen om van de ene provincie in de andere te kunnen komen. Ook zitten er sluizen in de Afsluitdijk, zodat schepen en vissers vanuit het IJsselmeer naar de Waddenzee kunnen.

Daarmee was de Zuiderzee officieel afgesloten van de Noordzee. Vanaf dat moment ging het water het IJsselmeer heten.

De polders van Flevoland

Toen de Afsluitdijk af was kon er begonnen worden aan het volgende project: het polderen van het IJsselmeer. Er waren plannen voor drie grote polders, waarvan er uiteindelijk twee ook echt gemaakt zijn. Dit zijn de Noordoostpolder en de Flevopolder. Samen vormen deze twee polders de provincie Flevoland. In 1936 is met de eerste polder, de Noordoostpolder, begonnen. In 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog, was deze polder klaar. Daarna is de tweede polder gemaakt, wat gebeurde tussen 1950 en 1968. In 1986 werd het gebied een provincie in Nederlands, vanaf dat moment had Nederland twaalf provincies in plaats van elf.

Niet zomaar iedereen mocht gaan wonen of een boerderij beginnen in de nieuwe polder. Er waren strenge eisen aan de nieuwe inwoners. Ze moesten vanuit niets een boerenbedrijf op kunnen zetten en daarvoor de juiste mentaliteit hebben. Het waren pioniers die het land moesten gaan bewerken en de overheid wilde alleen geschikte kandidaten toelaten.

Er lagen twee eilanden in het IJsselmeer op de plek waar de Noordoostpolder gemaakt zou worden, de eilanden Urk en Schokland. Deze plekken zouden daarna onderdeel worden van de nieuwe polder. In de plaats van eilanden waren ze vanaf dat moment vasteland geworden.

Schokland was niet bewoond, maar Urk wel. Urk is heel lang een bewoond eiland geweest, zeker 1000 jaar lang. Omdat het een eiland is was er op Urk een hechte gemeenschap van vooral vissers. Die waren niet blij dat de Zuiderzee afgesloten werd en nu werden ze ook nog eens onderdeel van het vasteland. Er is bij de plannen van de Zuiderzeewerken ook heel weinig rekening gehouden met Urk. Inwoners van Urk kregen weinig boerderijen toegewezen in de nieuwe polder omdat de overheid ze daarvoor niet geschikt vond. Mede door deze geschiedenis is Urk nu nog steeds een hechte en eigenzinnige gemeenschap.

En de derde polder? Die is uiteindelijk niet gemaakt. Onder andere vanwege bezwaren van natuurorganisaties zijn de plannen hiervan nooit uitgevoerd.

Afsluiting

Hier ga ik het bij laten voor vandaag. Als je meer wil weten over de totstandkoming van de Zuiderzeewerken kan je kijken op de website van de podcast, daar zet ik meer informatie neer. 

Ik wil afsluiten met een anekdote over de Afsluitdijk. Misschien heb je wel eens gehoord dat de Chinese muur te zien is vanuit de ruimte. De Nederlandse astronaut Wubbo Ockels heeft wel eens gezegd dat er eigenlijk twee door mensen gemaakte bouwwerken te zien zijn vanuit de ruimte: De Chinese muur en…. De Afsluitdijk. Denk daar maar eens over na de volgende keer dat je over de Afsluitdijk rijdt!

Bedankt voor het luisteren naar deze aflevering van Een Beetje Nederlands. Als je vragen of opmerkingen hebt over deze aflevering, dan hoor ik graag van je! Ik vind het altijd leuk als er berichten worden geplaatst op de website. Ik hoop dat je een beetje Nederlands geleerd hebt, en tot de volgende keer!

Verder verdiepen

Wil je nog wat meer lezen over de Zuiderzeewerken? Dan zou je kunnen kijken naar deze bronnen:

2 reacties

  1. Ik vond deze nog het meest interessant. Veel van mijn bezoeken aan Nederland waren om te zeilen op het IJsselmeer en het Markermeer. Helaas niet in 2020 maar misschien wel in 2021

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *