Introductie
In het zuidwesten van Nederland, op de grens van de provincies Zuid-Holland en Brabant, ligt een bijzonder natuurgebied: de Biesbosch. Het gebied is eeuwen geleden ontstaan na een grote natuurramp. Het heeft sindsdien vele bewoners gehad: middeleeuwse boeren, verzetsstrijders maar ook brandnetels en bevers. We nemen een kijkje in de Biesbosch!
Luister
Hallo allemaal! Dit is Een Beetje Nederlands, de podcast voor mensen die Nederlands leren. Mijn naam is Marian en de aflevering van vandaag gaat over de Biesbosch. De tekst van deze aflevering kan je meelezen op de website, www.eenbeetjenederlands.nl. Als je vragen of opmerkingen hebt over deze aflevering, kan je ze naar mij sturen op de website. In de shownotes staat een link naar de website.
Luister je regelmatig en wil je nóg meer leren? Word dan Vriend van de Podcast op Petje Af en krijg toegang tot extra afleveringen, oefenmaterialen en meer. Voor een paar euro per maand help je deze podcast én verbeter jij jouw Nederlands. Alle informatie vind je op de website!
Nu, door met de podcast.
Dankzij de zwaartekracht van de maan en de zon zijn er overal op aarde getijden: ze heten eb en vloed, de zee komt het strand op en de zee trekt zich terug. Als je weleens een lange strandwandeling hebt gemaakt, heb je het met je eigen ogen kunnen zien. Aan het begin van je wandeling liep je vlak naast de zee. De golven stroomden over je schoenen. Je liep door, in een rechte lijn. Na een tijdje merk je dat de zee niet meer bij je schoenen komt, terwijl jij toch echt rechtdoor liep. Het is eb geworden en je kunt de schelpen zien die de zee in het zand heeft achtergelaten. Eb en vloed gebeurt elke dag weer, twee keer per dag. Maar alleen aan de zoute zee, toch?
Nou, dat is dus niet zo. Het kan soms ook in zoet water gebeuren. In het zuidwesten van Nederland, op de grens van de provincies Zuid-Holland en Brabant, eigenlijk ergens tussen Rotterdam en Breda, ligt het bijzondere natuurgebied de Biesbosch. Deze rivierdelta was uniek voor Nederland, omdat eeuwenlang het zoete rivierwater door eb en vloed op en neer ging, soms wel twee meter.
De rivieren voerden zand en slib mee. Op het moment dat eb in vloed overgaat, kon dat allemaal bezinken. Zo ontstonden vruchtbare zand- en moddereilandjes. De allereerste planten die hierop konden groeien waren biezen. Deze biezen – ze lijken een beetje op gras – werden door de mens geoogst om bijvoorbeeld zittingen van stoelen mee te maken. Je kon er ook matten en manden mee vlechten. Daar komt dus de naam ‘Biesbosch’ vandaan: het is dat gebied met het bos en de biezen.
Wist je dat er een uitdrukking met ‘biezen’ in het Nederlands bestaat? Als je zegt, ‘ik pak mijn biezen, dan zeg je ‘joe, ik ga weg!’. Je gebruikt het als je ergens snel vertrekt en je spullen inpakt. Je kunt het ook gebruiken als je gaat verhuizen. Dan zeg je: “Ik heb mijn biezen gepakt, en ik ben naar België verhuisd.” Je kunt het ook tegen iemand anders zeggen: ‘Pak je biezen maar!’. Dan wil je dat iemand bijvoorbeeld snel zijn of haar tas inpakt en weggaat. Bijvoorbeeld als je relatie voorbij is en je je ex meteen uit je huis wil hebben. ‘Pak je biezen!’
De uitdrukking komt dus van ‘bies’, een plant die in de Biesbosch groeit. Waarschijnlijk komt de uitdrukking uit de Middeleeuwen. Toen droegen rondtrekkende artiesten en verkopers matten van biezen met zich mee. Ze gingen van dorp naar dorp, rolden die matten uit, lieten hierop hun show zien of verkochten hun spullen. Na afloop rolden ze de mat weer op, ja, precies, ‘ze pakten hun biezen’, en dan gingen ze snel weer door!
Eeuwenlang voeren er werkers met een bootje door de delta om biezen te snijden die ze daarna konden verkopen, maar dat stopte toen in 1970 de monding van de delta werd afgesloten. Eb en vloed verdwenen uit de Biesbosch en daarmee ook de biezen en de mensen. De natuur kreeg vrij spel. In deze podcast wil ik je vertellen over de bewoners van dit Nederlandse natuurgebied door de jaren heen.
Het is een bonte verzameling van dieren en planten. Ze klinken zo [geluid van water, schapen en cetti’s zanger] of zo [geluid van bever en roofvogel] of zo [stilte, van planten], ja, je hoorde het goed, sommige bewoners van de Biesbosch maken helemaal geen geluid.
Laten we beginnen bij het begin. Voor 1421 woonden er op de plaats waar nu de Biesbosch ligt, heel veel boeren. Ze hadden boerderijen met akkers waar ze groenten verbouwden. Om hun akkers lagen dijken die hen tegen het hoge water van de rivieren beschermden. Deze dijken en ook de grond waar de boeren op werkten was van niet van henzelf, maar van de adel. Helaas had die adel de afgelopen honderd jaar veel strijd met elkaar gehad, waardoor ze heel veel geld uitgaven aan gevechten en weinig geld over hadden om te investeren in de dijken van hun land. De kwaliteit van de dijken werd dus steeds slechter.
In 1421 sloeg het noodlot toe. Er kwam een grote ramp, de Sint-Elizabethsvloed. Op 19 november van dat jaar stond het water in de rivieren sowieso al erg hoog en toen er ook nog een grote storm op zee ontstond, kon het rivierwater nergens meer heen. De dijken braken door en het water nam alles mee wat het tegenkwam: huizen, molens, koeien en mensen. Meer dan dertig dorpen verdwenen in het water, minstens 2000 mensen verdronken. Alleen het puntje van de toren van de kerken was soms nog boven het water te zien.
Opeens lag er een binnenzee tussen Holland en Brabant. In de loop van de jaren ontstonden door aanvoer van zand en klei weer eilanden in deze binnenzee. Op lage plekken groeiden vooral biezen, en op hogere zandplaten vond je riet. Dat riet kon wel vijf meter hoog worden! Op nog hogere plekken konden wilgen, bomen met heel flexibele takken, groeien.
Deze Biesbosch-planten waren heel belangrijk voor Nederland. Ze werden namelijk niet alleen gebruikt om matten, manden en hekken te maken, maar ook zogenaamde ‘zinkstukken’. Door heel Nederland liggen zulke zinkstukken, bij dijken, op de bodem van rivieren, je kunt het zo gek niet verzinnen. Een zinkstuk is een grote mat van wilgentakken die de bodem en oevers onder water beschermt tegen stroming en erosie. Zo kan het water van de zee en de rivieren de grond niet meenemen. Ze zijn overal gebruikt in Laag Nederland. Als deze zinkstukken er niet waren geweest, dan was Nederland allang weggedreven!
Als de Biesboschwerkers deze planten, het riet en de biezen, in de Biesbosch gingen oogsten, gingen ze per boot. Zoals ik eerder zei, is de Biesbosch een wirwar van eilandjes, een soort labyrint van biezen en bossen. Je kon alleen maar per boot het labyrint in. En je kon er makkelijk verdwalen.
Die wirwar van eilandjes was heel handig voor Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de Biesbosch kon je goed onderduiken voor de nazi´s. Wie de weg in dit gebied namelijk niet kende, verdwaalde meteen. Wie voor de nazi´s moest vluchten, rende daarom dit gebied in. De nazi´s hadden geen idee hoe ze in de Biesbosch moesten navigeren. Vooral in het laatste jaar van de oorlog heeft het verzet, oftewel de Nederlanders die in het geheim tegen de nazi´s werkten, hier veel gebruik van gemaakt.
In de herfst van 1944 was het zuiden van Nederland al bevrijd door het Engelse, Amerikaanse, Canadese en Poolse leger, maar het noorden was nog bezet door de nazi´s. De Biesbosch lag precies op de grens. Mensen in het verzet konden zo vanuit het vrije zuiden door de Biesbosch naar het bezette noorden varen om in het grootste geheim informatie, eten en medicijnen te brengen. Vanuit het noorden konden gestrande piloten en joden met hen terug naar het zuiden. Dat hebben ze maar liefst 374 keer gedaan! 374 keer voer het verzet in één jaar door de Biesbosch, en dat dus onder de neus van de nazi´s. Brr. Petje af, toch? Dat hebben ze knap gedaan.
Zoals gezegd, de Biesbosch veranderde erg van karakter toen in 1970 door de Deltawerken de open verbinding met de zee verdween. Niet langer was er eb en vloed, dat twee keer per dag wel 2 meter op en neer ging. Na 1970 bleef nog slechts zo’n 30 centimeter over. Het cultuurgebied werd meer en meer een natuurgebied. Er kwamen nieuwe bewoners.
De minst populaire nieuwkomer is wel de brandnetel, een plant die je niet moet plukken! Je bent ze vast weleens tegengekomen in het bos of in de tuin. Ze prikken gemeen als je ze aanraakt. Daarna gaat je huid branden en jeuken. Er kwamen opeens heel veel brandnetels naar de Biesbosch toen de getijden verdwenen. Brandnetels hebben namelijk een hekel aan water, en een groot deel van het gebied stroomde niet meer zo vaak onder. Het zijn heel dominante planten. Andere planten, zoals de biezen van vroeger, vinden het maar moeilijk om te groeien waar er brandnetels zijn. Niet zo leuk dus die brandnetel! Al moet gezegd worden dat er ook vele mooie vlinders van leven.
Veel populairder is de bever. Een bever is een dier dat in het water leeft en soms dammen maakt. Boswachters wilden bevers hebben zodat ze de oude, monotone bossen zouden omknagen en er ruimte zou komen voor nieuwe soorten bomen. Maar de bever was uitgestorven in Nederland. Hm, waar haal je zo 1,2,3 een bever vandaan? En welke bever past het beste in de Biesbosch? De boswachters kozen uiteindelijk een paar bevers uit de Duitse rivier de Elbe. Ze dachten dat deze in Nederland zouden passen, omdat de Elbe namelijk een vieze rivier is en de Biesbosch is ook niet zo schoon. In het najaar van 1989 ging een aantal Nederlanders naar Oost-Duitsland, wat heel moeilijk was, want de Berlijnse Muur stond er nog. Zij hebben daar 3 beverpaartjes gevangen en in houten kisten vervoerd. De kisten waren van binnen met dun staal bekleed, anders zouden de bevers natuurlijk ontsnappen: ze knagen door de kisten heen! In het begin ging het niet zo goed met de bevers in de Biesbosch. Ze gingen dood vanwege stress en ziektes. Nu zijn het er heel veel en is het een van de meest typische diersoorten. Het is de mascotte van de Biesbosch.
Tegenwoordig zijn er boswachters en ecologen die de getijden, het eb en vloed, missen. Ze denken dat het goed zou zijn voor de waterkwaliteit en voor de planten en de dieren in deze bijzondere delta. In 2005 zijn de sluizen die de Biesbosch van de zee afsluiten weer een beetje opengezet en in 2015 nog een beetje. Of daar nog veel bij komt, is zeer de vraag. Maar men hoopt dat op deze manier de biezen weer snel terug kan keren, en dat die dominante brandnetel snel zijn biezen pakt!
Daarmee kom ik aan het einde van deze aflevering van Een Beetje Nederlands.
Wordt Vriend van de Podcast en steun ons daarmee! Ga daarvoor snel naar de Petje-Af-pagina van deze podcast. Voor 5 euro per maand steun je deze podcast, en krijg je er zelf ook nog iets voor terug. Namelijk: extra afleveringen om naar te luisteren. Bijvoorbeeld over het Woord van het Jaar. Wil je weten wat dat was? Ga snel naar Petjeaf.com/eenbeetjenederlands en word ook Vriend van de Podcast.
Ik hoop dat je een beetje Nederlands geleerd hebt, en tot de volgende aflevering!
Word vriend van de podcast!
Vrienden van de Podcast krijgen nu nog meer voordelen! Word lid via PetjeAf.com en ontvang een extra aflevering per maand en extra oefenmaterialen!
